Nieuwe UFR-parameters voor pensioenfondsen vanaf 2021

DNB heeft in een recent nieuwsbericht aangegeven dat de nieuwe UFR-parameters voor pensioenfondsen vanaf 1 januari 2021 stapsgewijs worden ingevoerd. De toelichting van DNB op de invoering van de nieuwe parameters is als volgt.

UFR-parameters sinds 30 september 2012
Pensioenfondsen moeten voor de berekening van de pensioenverplichtingen rekening houden met de zogenaamde Ultimate Forward Rate (UFR). De UFR maakt de berekening van de verplichtingen minder gevoelig voor schommelingen en mogelijk verstoorde omstandigheden op de financiële markten. Dit moet bijdragen aan een stabielere koers waarop pensioenfondsbesturen kunnen varen.
 
Sinds 30 september 2012 wordt de DNB-rentetermijnstructuur (RTS) voor pensioenfondsen bepaald met behulp van de UFR. Bij de invoering werd deze vastgesteld op 4,2% (in overeenstemming met de UFR die ook voor verzekeraars geldt). Echter, sinds juli 2015 wordt de UFR gebaseerd op het (voortschrijdend) 120-maands gemiddelde van de 20-jaars forward rate. Voor elke (maandelijkse) publicatie door DNB van de RTS-pensioenfondsen wordt de UFR ook herrekend.

DNB: nieuwe UFR-parameters met ingang van 1 januari 2021
Recent heeft DNB besloten om vanaf 1 januari 2021 nieuwe UFR-parameters te introduceren. De parameters worden vanaf die datum in vier gelijke stappen ingevoerd. Daarnaast zal DNB de RTS de komende jaren blijven baseren op renteswaps met 6-maands EURIBOR als onderliggende rentebenchmark. Mocht het nodig zijn om in de periode tot een nieuwe Commissie Parameters over te stappen op de referentierente €ster (de Euro Short Term Rate gepubliceerd door de Europese Toezichthouder), dan zal de impact op dekkingsgraden worden geneutraliseerd.
 
Met de stapsgewijze invoering zullen de nieuwe UFR-parameters begin 2024 volledig zijn ingevoerd. DNB zal de RTS in de periode tot 1 januari 2024 baseren op een gewogen gemiddelde van de RTS op basis van de huidige en de nieuwe UFR-parameters, waarbij de gewichten jaarlijks op 1 januari met gelijke stappen aangepast worden. Deze stapsgewijze invoering zorgt ervoor dat het effect van de nieuwe UFR-methode op de dekkingsgraden van pensioenfondsen geleidelijk in de tijd tot uiting komt.
 
Het besluit van DNB is het vervolg op een advies van de Commissie Parameters van juni vorig jaar. DNB besloot toen al het advies op te volgen, maar dit niet eerder te zullen doen dan op 1 januari 2021. Dat hing samen met de lopende hervorming van de rentebenchmark waarop de RTS is gebaseerd. Vorig jaar juli is goedkeuring verleend aan het gebruik van een aangepaste EURIBOR benchmark. Echter, naar het oordeel van DNB is gebleken dat de markt voor €ster-renteswaps op dit moment onvoldoende liquide is om de RTS op te baseren.
 
Samen met de swaprentes vormt de UFR-methode de zogeheten RTS. DNB heeft de wettelijke taak om te bepalen met welke RTS-pensioenfondsen moeten rekenen om de waarde van hun pensioenverplichtingen te bepalen. Met de recente besluitvorming heeft DNB duidelijkheid gegeven over de situatie voor pensioenfondsen vanaf 1 januari 2021.


Conclusie
DNB heeft aangegeven dat vanaf 1 januari 2021 nieuwe UFR-parameters van toepassing zijn. Deze parameters worden tot 1 januari 2024 in vier gelijke stappen ingevoerd. Hiermee heeft de toezichthouder helderheid gegeven over de berekeningssystematiek voor pensioenfondsen in de komende jaren.  

 

[Bron: &Gommer Pensions Group]

Terug naar het overzicht

Recente artikelen

De Sustainable Finance Disclosure Regulation komt er in 2021 aan!

Op 10 maart 2021 gaat de Sustainable Finance Disclosure Regulation in. Deze regelgeving, die vanuit Europa op ons...
12-2020

Dreiging pensioenkortingen nog steeds niet van de baan

Op 20 oktober jl. hebben de grote pensioenfondsen ABP, PFZW (Zorg), PMT en PME en Bouw hun kwartaalcijfers...
12-2020